KRIJGSGEVANGENSCHAP
Met ingang van 15 juli 1940 werd Arie Verouden bij maatregel van de bezetter uit de zeedienst ontslagen onder toekenning van wachtgeld.Hij was in Duitse krijgsgevangenschap van 13 mei 1943 t/m 21 april 1945. Op 13 mei 1943 heeft Arie Verouden zich gemeld in het Wehrmachtslager in Amersfoort voor Duitse krijgsgevangenschap.Vervolgens is hij die zelfde dag overgebracht naar StalagX1a te Altengrabow.[ behoorde tot het district van de Wehrkreis X1-Hannover.]Op 27 mei 1943 is hij overgebracht naar Stalag Va te Ludwigsburg bij Stuttgard.Zijn krijgsgevangennummer was: 104882. Stuttgard viel onder de Wehrkreis V in de streek Baden-Wurttemberg met plaatsen zoals:Ludwigsburg, Biberach, Wurzach, Liebenau, Munsingen, Villingen, Malschbach,Gottenheim, Weinsberg.In oktober 1943 is hij vanuit Stuttgard gevlucht en eind december 1943 te Bietigheim[ bij Stuttgard ] door de Gestapo opgepakt.Hij werd veroordeeld ca. 20 januari 1944 door het militaire gerechtshof te Ludwigsburg tot 2 jaar .Tijdens de verhoren ,wat er hard aan toe ging, weigerde Arie , op welke wijze dan ook , met de vijand mee te werken.Tijdens de ondervragingen bleef Arie slechts zijn naam, rang en marinenummer zeggen.Tijdens de verhoren hebben de Duitsers hem geschopt , geslagen en op hem ingebeukt.Met een revolver tegen zijn slaap aangedrukt hebben de Duitsers hem gedreigd dood te schieten.Uiteindelijk hebben ze met de kolf van de revolver een deel van zijn tanden uit zijn mond geslagen.Arie bleef slechts zijn naam, rang en marinenummer herhalen met wat aanvullende opmerkingen zoals "Je ouwe moer ".Terwijl hij in zijn cel zat kwam een bewaker hem een korst brood brengen en reikte deze Arie aan.Toen Arie het korst brood wilde aanpakken smeet de bewaker het vlak voor zijn voeten op de grond en verpulverde het onder de smerige zool van zijn laars.Daarbij bleef hij Arie een hele poos met een treiterende glimlach aankijken.Zo hebben ze enige tijd tegenover elkaar gestaan.Uiteindelijk ging de bewaker weg en heeft Arie , die stierf van de honger ,alsnog de verkruimelde resten van het brood opgegetenTijdens zijn verblijf daar in de koude winter van 1944 heeft Arie een longontsteking opgelopen.Zijn medegevangenen waren van Franse nationaliteit.Begin april 1945 is Arie weer gevlucht en hield zich schuil in Stuttgard, Ulm en Straatsburg. Na de bevrijding is hij via Frankrijk en Belgie naar Holland gekomen waar hij zich op mei 1945 in Breda heeft gemeld .Bij zijn thuiskomst had Arie een lepel en een vork uit het kamp mee gepikt Op de achterzijde van de lepel staat: rostfrei kodak dr.nagel werk Stuttgard. Op de achterzijde van de vork staat: art.krupp berndorf KODAK STUTTGARD.
StalagX1A , Altengrabow.Gevangenen wachten het moment van hun bevrijding af door de 9th US Army Troops.[foto is afkomstig vanNorbert Bokkerink van de site Prisoner Of War] [ zie Linken ]
Op de Franse website van een zoon van een Franse krijgsgevangene die in StalagX1A, Altengrabow is geweest kunt U meer informatie vinden omtrent dit grote kamp.Dit voormalige krijgsgevangenkamp met de naam Altengrabow ligt tussen de stad Magdenburg[ oude naam was Ziegenhain] en het dorpje Dessau en Dornitz in Saksen ,west-Duitsland.Deze stalag deed ook dienst als oflag en in de buurt was een zoutmijn waar de gevangenen in moesten werken.Vlakbij het kamp zaten Russische krijgsgevangenen.Tegenwoordig is het een militair oefenkamp.Het station van Altengrabow was een eind-station en bestaat nog steeds maar word niet meer gebruikt.Er zijn geen gedenkplaten die herinneren aan een voormalig krijgsgevangenschap noch in Dornitz, noch bij het hek van het voormalig kamp of bij het eind-station.Enkele foto's van het station en Altengrabow van nu zijn hier te zien.
Het eind-station Altengrabow waar zoveel krijgsgevangenen naartoe werden getransporteerd om daar gedwongen te werken voor de Duitsers. Foto is afkomstig van de site P.Pognant.
Luchtfoto van Stalag X1A Altengrabow. afkomstig van S.A.A.R.F.zie ook bij linken.
Eenmaal terug in Holland moest Arie Verouden , de hieronder staande verklaring afleggen die ook in schrift is geschreven op 15 oktober 1945 door het Commandement der Zeemacht Nederland.