HOME | STAAT VAN DIENST | FOTO'S | KRIJGSGEVANGENSCHAP | NEDERLANDS-INDIE | SCHEPEN | NOSTALGIE | AMCO | GASTENBOEK | LINKEN | VERHALEN | INDIE VETERANEN | INFO | MUZIEK | OPROEP VETERANEN | VERHALEN VAN KRIJGSGEVANGENEN. | GESCHIEDENIS 1 | GESCHIEDENIS 2 | GESCHIEDENIS 3

 

                                                         GESCHIEDENIS 1        

                                                          

Onderwerpen: 

1.De zaak Aernout

2 - Een moeizaam afscheid.  

3 -Merdeka.

                    

                                                   

 

De zaak Aernout.

Na intensief onderzoek door Gerard de Boer en Peter Schumacher is gebleken dat heel wat documenten in 1961 door Van der Putten zijn vervalst, zoals ook de notulen van de bijeenkomst  met Generaal Spoor,waarin beweerd wordt dat 40% van de officieren corrupt zou zijn.

Van der putten heeft  dit gedaan om zijn conflict met de toenmalige regering kracht bij te zetten.

Ook had vaandrig Aernout niets te maken met de LTD, de Nakumara-schat,ect.

Ook die onzin komt uit de koker van Van der Putten ( en iedereen is er ingetrapt ).

Vaandrig Aernout is niet door 'corrupte'KNIL militairen vermoord maar gesneuveld tijdens een treffen met Indonesische guerrilla's in Kampong Genteng ( Lembang).

Naar aanleiding van recente onderzoeken , waaronder ook door een historicus in Indonesië , hebben Peter Schumacher en Gerard de Boer besloten de hele geschiedenis te herschrijven.

Een link naar enige uitleg:

http://gerard.bloggertje.nl/note/1797/onthullend-boek-over-de-zaakaernout.html

http://gerard.bloggertje.nl/category/1131/boek-de-zaak-aernout-bestelformulier.html

 

Omdat de webmaster slechts ware verhalen plaats is het hele verhaal omtrent de vaandrig Aernout verwijderd.

 

 

 

 

 

EEN  MOEIZAAM  AFSCHEID.

Bron:     Geheugen van Nederland. ( zie Linken )

Uit:        Nederland en Nederlands-Indie 1918-1949.

             Deel 5. Een moeizaam afscheid.

Maker:  STV. 19 december 1988.

Tekst:    Uit de hierboven genoemde filmmatriaal.

 

De Nederlandse en de Republikeinse onderhandelaars waren er niet in geslaagd een oplossing te vinden tussen Nederland en de Indonesiers.

In de zomer van 1947 besloot de Nederlandse regering om haar standpunt met geweld af te dwingen.

In de nacht van 20 op 21 juli 1947 begon de zogenoemde Politionele Aktie.

Nederlandse troepen overschreden de demarkatielijnen rondom de steden Medan, Batavia, Semarang en Soerabaja op Java.

Op Sumatra gebeurde hetzelfde rondom de steden Malang en Palembang.

Zonder veel tegenstand te ontmoeten rukten de mobiele colonnes op.

De Republikeinse troepen trokken zich terug en beperkte zich tot het opblazen van fabrieken en bruggen.

Aanvankelijk kregen de Nederlandse soldaten de indruk door de bevolking begroet te worden als brengers van orde en veiligheid.

 

De Nederlandse bioscoop bezoeker kreeg het succes van de aktie in geuren en kleuren voorgeschoteld:

“Hela, wat hebben we daar?�

Een patrouille ondekt een verdacht ontstekingsapparaat.

Meteen gaat overste van Rijn op onderzoek uit.

“Weg jullie daar, achteruit! Dekking nemen die krijgsgevangenen!�

In een ogenblik is het gevaarlijke ding onschadelijk gemaakt. Daar gaat die, de plomp in.

“Daar en daar moeten die bommen liggen, haal ze maar even�

Een gevaarlijk goedje maar nu onschadelijk.

De fabriek en 18 loodsen vol suiker zijn op het nippertje gered. Een waarde van miljoenen.

En wat de Mariniers betreft kan de suiker nu wel van de bon!

 

 Overste van Rijn.

 

In werkelijkheid ontmoeten de Nederlandse troepen steeds meer zwijgende vijandigheid.

In korte tijd werden grote gedeelten van Oost en West-Java bezet.

Ook de economische belangrijke centra op Sumatra waar de grote ondernemingen lagen.

Economisch gezien werd de Operatie Produkt een succes.

Militair was het echter niet gelukt om de TNI, Nationaal Republikeins Leger uit te schakelen.

De TNI trok zich terug op het platteland en loste als het ware op in de plaatselijke bevolking.

De hoofdwegen en steden kwamen in handen van de Nederlandse militairen.

Het uitgestrekte platteland vormde een echt guerilla gebied voor de Republikeinse troepen.

De burgerbevolking in de dessa’s had het meest te leiden van deze strijd.

Van Nederlandse en Republikeinse zijde werd brute terreur uitgeoefend als er ook maar het vermoeden was dat de dessa bewoners de tegenstanders steunden.

De Politionele Aktie had verregaande politieke consequensies.

De Indonesische bevolking was geschokt in haar vertrouwen in de bedoelingen van de Nederlandse regering.

 

Door het militair ingrijpen raakte Nederland, internationaal gezien in een voledig issolement.

In het buitenland zag men de Politionele Aktie helemaal niet als een interne Nederlandse aangelegenheid.

Op initiatief van Australie werd de Veiligheidsraad van de Verenigde Natie in deze questie betrokken.

Deze sprak zich uit en kwam met het dringende verzoek aan de strijdende partijen om de vijandelijkheden zo spoedig mogelijk te staken.

Nederland deed dat op 4 augustus 1947.

De positie van de Reubliek werd zeer versterkt door de internationale bemoeienis.

De houding van de Veiligheidsraad betekende in feite een internationale erkenning van de Republikeinse regering.

 

 Renville,Amerikaans oorlogsschip.

 

Onder de toezicht van de VN werd de zogenoemde Renville-overeenkomst gesloten tussen de Nederlandse en Indonesische delegaties. De overeenkomst bevestigde de grondslagen van Linggadjati, maar de links-radicale groepen in Indonesie verzette zich ertegen.

Hier is Raden Abdoel Kadir aan het woord op het Amerikaanse schip de "Renville".

 

De Republiekeinse troepen waren niet uitgeschakeld.

Ze schonden de bestandsgrenzen en gingen door met het vernietigen van fabrieken en plantages.

Nederland probeerde intussen de veroverde gebieden te zuiveren van Republikeinen.

In zo’n oorlogssfeer leken onderhandelingen bijna onmogelijk.

De Verenigde Naties hadden een Commisie van Goede Diensten ingesteld met de opdracht om beide partijen met elkaar te verzoenen.

Door bemiddeling van deze Commisie van Goede Diensten kwamen de onderhandelingen toch weer op gang.

De Commissie slaagde er in een overeenkomst tot stand te brengen.

Deze Renville overeenkomst, genoemd naar het Amerikaanse oorlogsschip, waarop de besprekingen plaatsvonden, kende ook een wapenstilstand.

Ook werden de grenzen van  Republikeins gebied bepaald.

In de beide Politionele Aktie gebieden onderhandelde van Mook over de oprichting van nieuwe kleine deelstaten.

De Republiek beschouwde dit als een politieke omsingeling en wantrouwde het beleid van van Mook.

 

 Generaal Spoor.

 

 

 

 Van Mook.

Dhr.Koets was een van de naaste medewerkers van van Mook:

“In de gedachten van van Mook waren er 3 tot 4 deelstaten.

Java, Sumatra, Borneo en Indonesia Timor,(Oost Timor,de Grote Oost.)

Tijdens de conferencie van Malino in juli 1946 waren er alllerlei uitlatingen van die eilanden daarbuiten om Indonesie een soort van Verenigde Staten van Amerika te laten worden.

Van Mook heeft zich daartegen verzet en gezegd dat we Grote Deelstaten moeten hebben die alles zelfstandig kunnen doen behalve defensie, buitenlands beleid, economische planning en dergelijke.

Nu onderken ik geen ogenblik dat , door die gang van zaken geleidelijk aan, die federatie en de deelstaten een karakter hebben gekregen van een Republiek.

Geen ogenblik wil ik daar aan twijfelen. Dat is zo geworden maar geen opzet geweest.�

 

In de zomer van 1948 waren er in Nederland verkiezingen.

De kwestie Indie speelde een  belanrijke rol in de verkiezingsstrijd.

De kabinetsformatie bracht het kabinet Drees tot stand.

De KVP.-er Sassen werd minister van Overzeese Gebiedsdelen.

Geheel in de lijn van de KVP was hij bereid tot hard optreden tegen de Republiek.

Een van zijn eerste regeringsdaden was het ontslag van van Mook.

 

 Sassen.   Beel.

 

Dhr.Koets:

“U weet waarschijnlijk dat van Mook zijn ontslag aangezet kreeg in een uitermatig hufterig briefje van Dhr.Sassen die toen minister van Overzeese Gebiedsdelen was geworden in het nieuwe kabinet.

Sassen heeft later gezegd dat van Mook al van van Beel had gehoord dat hij ontslagen zou worden.

Ik geloof dat dat niet zo was en het kwam dan ook als een plas koud water over van Mook heen gestord.

Ik was verbijsterd, wist wel dat er altijd spanning was tussen Den Haag en van Mook en dacht , toen bezat ik nog niet van die bejaarde deftigheid, GVD!

Er werd dus aangekondigd : Als U niet U ontslag vraagt, dan krijgt U het!�

 

Van Mook die lange tijd de belichaming van het beleid ten opzichte van Indie was geweest vertrok.

Ex.Premier Beel werd zijn opvolger als hoge vertegenwoordiger van de Kroon.

Beel in Batavia en Sassen in Den Haag zouden tot het uiterste gaan om de Nederlandse plannen voor Indie te realiseren.

Minister Sassen vertrok naar Indie voor onderhandelingen met de Republikeinse delegatie.

 

Journalist:  â€?Zullen in het overleg de Federalistische Nationalisten betrokken worden?â€?

Sassen:     â€?Vanzelfsprekend mag ik wel antwoordenâ€?.

Journalist:  â€?En zullen er directe onderhandelingen plaatsvinden of zal ook de Commissie van Goede Diensten in het  overleg deelnemen?â€?.

Sassen:    â€?Wij hopen de leden van de Commissie van Goede Doelen te ontmoeten en met hen te spreken. Het is de bedoeling dat wij directe besprekingen voeren en het verloop daarvan zal afhangen van wat ons verder progam zal zijnâ€?.

Journalist: �Hoe lang denkt de delegatie in Indie te blijven?�.

Sassen:   â€?Niet lang want de toestand daar is kritiek!â€?.

 

De onderhandelingen leidde tot niets.

De Nederlandse eisen waren veel te hoog voor de Republiek die niet bereid was haar bevoegdheden over te dragen.

Begin december 1948 keerde de onderhandelaars terug naar Nederland.

Een nieuwe geweldadige aktie van Nederland bleek onvermijdelijk.

 

Dhr.Koets:

“Er was een samenloop van twee dingen.’

Een drang van het buiteland, dikwijls in vrij vriendelijke vorm, en het gevoel van:

Het moet geklaard worden. We kunnen het geen maanden en maanden laten blijven volhouden maar we moeten ingrijpen.

Overwogen is wel : kunnen we ons terugtrekken van Java en Sumatra en dat in handen geven van de Verenigde Naties?

Veel van die zogenaamde TNI infiltraties werkte met een geweldadige terreur op Indonesiers die met ons samenwerkten.

Er zijn heel wat meer Indonesiers vermoord door die wilde bende dan dat er Nederlanders vermoord zijn.

Wij hadden een verdomd Nederlands calvinistisch gevoel van verantwoordelijkheid tegenover de Indonesiers die met ons na 1946 en 1947 samenwerkten.

Moesten wij die overlaten aan de tender mercies van de Republiek?�

 

Daarbij was de druk van de militaire top van Indie ook niet mis.

Generaal Spoor en zijn officieren drongen aan bij Beel om militair in te grijpen.

 

Dhr.Koets:

“Van Mook had overwicht over Spoor, heel duidelijk.

Beel, toch al onder de invloed van mensen als Welter en vooral Romme en toch ook wel van Sassen, was meer geneigd om te luisteren naar de militairen.

En om de tegen argumenten van het zal erg tegenvallen wat er geschapen word voor beheersbare invloed om militair ingrijpen, geneigd om dat minder zwaar te tellen�.

 

De Tweede Politionele Aktie begon op 19 december 1948.

In korte tijd werd de hoofdstad van de Republiek Djokdjakarta bezet.

Soekarno, Hatta en andere Republikeinse leiders werden gevangen genomen en geinterneerd.

Het Nederlandse leger onder commando van Generaal Spoor veroverde in een paar dagen Midden en West-Java.

De guerilla van de Republikeinse troepen werden echter voortgezet.

De Nederlanders leden grotere verliezen dan ooit te voren.

De politieke reacties waren net zo ongunstig.

De leiders van de deelstaten keerden zich van Nederland af.

 

 Hatta.      Soekarno.

 

De dag voor Kerst eisten de Verenigde Naties in de Veiligheidsraad een staakt het vuren en de vrijlating van de gevangen genomen Republikeinse leiders.

Politiek gezien stond Nederland alleen, de druk op Nederland om te onderhandelen was groot.

Amerika dreigde zelfs met intrekking van de toegezegde Marshall hulp.

Drees reisde naar Indie om poolshoogte te nemen en het overleg met de inmiddels vrijgelaten Republikeinse leiders te hetvatten.

Soekarno en Hatta eisten eerst herstel van hun gezag in Djokdjakarta.

De regering vond dit onaanvaardbaar maar stemde hier mee in.

Ze begreep dat ze niet meer om de Republiek heen kon.

Op 4 augustus 1949 werden op Java de gevechten gestaakt.

 

 Drees.

 

Op 23 augustus 1949 begon in Den Haag de Ronde Tafel Conferentie die twee maanden zou duren.

De besprekingen verliepen moeizaam maar men kon zich uiteindelijk verenigen om over de voorwaarden van de Verenigde Staten van Indonesie.

De Nederlandse schulden zouden door de Verenigde Staten van Indonesie worden overgenomen en de belangen van het Nederlandse bedrijfsleven zouden worden gewaarborgd.

Ook werden er afspraken gemaakt over de komende samenwerking in de Unie op de gebieden van buitelandse zaken, defensie, economische zaken, financieen enz.

Over Nieuw-Guinea werd geen overeenkomst bereikt.

Nederland hechte er absoluut aan dit gebied buiten de souvereiniteits overdracht te houden.

West-Guinea moest en zou een kolonie blijven.

Na de overdracht zou men daarover echter apart onderhandelen.

De Conferentie kon gesloten worden.

 

De souvereiniteits overdracht aan de Vereenigde Staten van Indonesie vonden plaats op 27 december 1949 in het Paleis op de Dam in Amsterdam.

Nederlands belangrijkste kolonie werd een zelfstandige natie.

Beide landen zouden de Nederlands-Indonesische Unie vormen.

De rede werd ook beluisterd in Batavia waar de souvereiniteits overdracht gelijktijdig werd gevierd.

Een dag later was de triomfantelijke intocht van Soekarno in Batavia.

 

 Souvereiniteitsoverdracht.

 

 

Dhr.Koets:

“Ik zie altijd historisch gezien de koloniale periode als een noodzakelijke en in het beginsel een constructieve geschiedkundige periode die op een bepaald ogenblik zijn constructieve kracht verliest.

De tragedie is dat de meeste kolonialen hoogst zelden tot het tijdig inzicht komen dat de positieve constructieve kracht is uitgewerkt�.

 

Dhr.Henk van Stipriaan:

“Ik ben in 1950 gerepratrieerd en in Nederland terecht gekomen en daar zit ik nog steeds.

Langzamerhand hoop ik dat de Nederlandse bevolking iets begint te begrijpen van wat er zich daar heeft afgespeeld.

Maar soms als ik t.v. kijk, radio luister of de kranten lees, betwijfel ik dat�.

 

In de zomer van 1988 is in Den Haag het Indisch monument onthuld.

Een late erkenning van een deel van een lang weggedrukte periode van onze geschiedenis.

Het is een plek voor rauw, herrinnering en heimwee voor al die gevoelens die Nederlanders en Indonesiers hebben als ze terug kijken naar hun persoonlijke ervaringen in die voormalige kolonie.

 

 Indisch monument. Den Haag.

 

350 Jaar hebben Nederlanders in wat � Ons Indie “ heette geleefd, gewerkt en gevochten.

Het afscheid van wat Multatuli omschreef als: “Het prachtige rijk van Insulinde dat zich daar slingerend om de evenaar als een gordel van smaragd�, is een moeizaam afscheid geweest.

 

Naar Top

MERDEKA.

Bron: Klamboes Klewangs Klapperbomen,

          Indie gewonnen en verloren.

Van:  Pierre Heijboer.

 

 

Merdeka.

 

In het begin van de twintigste eeuw maakten technieken voor communicatie en transport een snelle ontwikkeling door en de wereld raakte als het ware in een stroomversnelling.

In Europa vielen de eerste tekenen van het opkomend socialisme waar te nemen net zoals in China en India.

Het oude Japan bewees dat een Aziatisch land militair gesproken niet voor een Europese natie hoefde onder te doen.

Nederlands-Indie bleef door dat alles niet onberoerd.

Voor het eerst ontstonden er ideeen over vrijheid en onafhankelijkheid( merdeka ), die niet gebonden waren aan een volk of vorstendom, maar zich uitstrekten over heel de kolonie.

Naar buiten toe hadden deze bewegingen aanvankelijk slechts culturele, zuiver economische of religieuze doelstellingen.

Zo streefde de in 1908 opgerichte vereniging ’Boedi Oetomo’ naar verbetering van het onderwijs voor Indonesiers.

Het Indonesische volk zag er echter meer in, want bezinning op de woorden van de Koran leidde immers onherroepelijk tot de afwijzing van de Hollandse overheersing.

De tijd en zijzelf waren voor een directe confrontatie met de Nederlanders nog niet rijp.

Een jonge ingenieur, Soekarno genaamd , was dat wel.

In juli 1927 richtte hij de Partai Nasional Indonesia op, een partij die over haar politieke bedoelingen geen misverstanden liet bestaan en die bovendien in Soekarno een woordvoeder had die als geen ander aanvoelde wat het Indonesische volk van zijn leiders horen wilde.

Soekarno was de enige die tegen de Indonesiers zei: �Broeders, u moet niet om uw onafhankelijkheid vragen, u moet haar eisen! En niet over tien of twintig jaar, maar nu!�

Het was ondenkbaar dat de Nederlands-Indische overheid deze man die dit soort dingen verkondigde ongestoord zijn gang zou laten gaan.

Soekarno werd dan ook gauw gearresteerd.Hij kwam in de gevangenis terecht,genoot vervolgens van een korte vrijheid en werd tenslotte verbannen naar het eiland Flores.

De meeste lotgenoten van hem werden verbannen naar Nieuw-Guinea, waar het Nederlandse bestuur aan de bovenloop van de rivier de Digoel twee interneringskampen had ingericht, Tanah Merah en Tanah Tinggi.

Het waren gruwelijke oorden, vooral door het klimaat en het nietsdoend waartoe men er veroordeeld was.

Voor veel ‘Digoel-gangers’ kwam de verlossing pas toen het Hollandse imperium in de Indoneische archipel in 1942 ineenstortte onder de stormloop van de Japanners.

Soekarno had hun ‘Grote Oorlog’ al in 1930 voorspeld, en zijn landgenoten voorgehouden dat het de kans zou zijn om van de Hollanders af te komen.

Met twee andere nationalistische leiders, Mohammed Hatta en Soetan Sjahrir, stelde hij daarom in de eerste dagen van de Japanse bezetting een soort werkschema op.

Het hield in dat hijzelf en Hatta voor het oog van de buitenwereld met de Japanners zouden samenwerken, en dar Sjahrir intussen een ondergrondse verzetsorganisatie zou opbouwen,bedoeld om te ageren tegen de Japanners en tegen degenen die na hen zouden komen. Soekarno’s collaboratie met de bezetters leverde hem onder andere een getraind Indonesisch leger op,dat hij kon inzetten nadat hij op 17 augustus 1945, na Japans nederlaag,Indonesie onafhankelijk had verklaard.

De eerste die de kracht van dat leger ondervonden waren de Engelsen, die in de periode na de cappitulatie van Japan en Indie als bezettingsmacht optraden.

In oktober 1945 werd in Soerabaja een Britse infanterie-brigade door de Indonesiers aangevallen en bijna van de kaart geveegd.

Pas na een paar dagen van verbitterde gevechten kon er moeizaam een ‘staakt het vuren’ worden bereikt.

De Nederlandse regering moest inmiddels werkeloos toezien hoe het Indische land leed onder de revolutie, hoe de sawahs verdorden, de plantages verwilderden en de maschines in de fabrieken tot oud roest vervielen. Den Haag wilde maar een ding: snel een einde maken aan de vrijheidsbeweging en de oude koloniale situatie in Indie herstellen.

Maar Nederland had niets meer te willen na de oorlog. Het was afhankelijk van wat men met name de Verenigde Staten van Amerika wilden.

Daarom werd onder grote druk van Amerika met Soekarno en de zijne onderhandeld.

Er kwam een overeenkomst waarbij Nederland het gezag van Soekarno’s ‘Republik Indonesia’ erkende op Java en Sumatra.

Verder werd vastgelegd dat er gestreefd zou worden naar de vestiging van een federale staat, waarvan ook de rest van de archipel deel uit zou maken.

Op 21 juli 1947 spatte deze overeenkomst uit elkaar. De Nederlandse regering, die eindelijk genoeg eigen troepen in Nederlands-Indie had, beschuldigde de Republiek ervan dat zij de rijstaanvoer uit haar gebied blokkeerde en lanceerde een grootscheepse militaire operatie tegen de Republiek, die zij een ‘Politionele Aktie’ noemde.

Op de kusten van Java, Sumatra en Madoera werden landingen uitgevoerd en spoedig daarop rolden pantserwagens de binnenlanden in.

Na een paar weken waren de troepen van de Republiek teruggedrongen op een gebied dat nauwelijks een derde deel van Java omvatte.

Opnieuw werd Nederland door de rest van de wereld onder druk gezet. India en Australie brachten de zaak voor aan de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties.

Engeland verbood de uitvoer van wapens naar Nederland en in het Amerikaanse Congres werd de banvloek uitgesproken over de’kolonialen in Den Haag’.

Opnieuw moest Nederland door de knieen: de ‘politionele aktie’ werd gestaakt.

Het veroverde gebied werd niet aan Soekarno teruggegeven en aan de onderhandelingstafels werd het gevecht voortgezet.

Die onderhandelingen sleepten zich voort tot Nederland eind 1948 een communistische opstand tegen het bewind van Soekarno aangreep om het laatste stukje Java dat nog ‘republikeins’was te veroveren.

Op 19 december 1948 begon deze tweede ‘politionele aktie’ met een verrassingsaanval op de tijdelijke hoofstad van de Rebubliek, Djokjakarta.

Met Dakota’s aangevoerde Nederlandse troepen bezetten het vliegveld van Djokja en een paar uur later waren ook de stad en de voornaamste regeringsleiders van de Republiek in Nederlandse handen.

De reactie van het buitenland was ditmaal nog furieuzer dan de vorige keer, maar de Nederlandse regering was vastbesloten die te trotseren.

Niets leek indruk te maken op Den Haag-totdat de Amerikanen dreigden de toegekende Marshall-hulp te staken.

Op 22 april 1949 verklaarde Nederland zich bereid tot nieuwe onderhandelingen.

Het kwam tot een Ronde Tafel Conferentie in Den Haag,waarbij de Verenigde Staten onderhands een duchtig woordje meespraken.

De Nederlandse regering moest erkennen,sat de Tweede Wereldoorlog de verhoudingen en opvattingen in de wereld zodanig veranderd had dat er voor Nederland als koloniale mogendheid geen plaatst meer was.

En zo werd in december 1949  de overeenkomst werd getekend waarbij het Koninkrijk der Nederlanden de souvereiniteit over de Indische archiep ‘onverwaardelijk en onheroepelijk’

Overdroeg aan de Republiek der Verenigde Staten van Indonesie. ’Merdeka’  was officieel een feit!

Daarmee had het koloniale hoofdstuk van de Nederlandse geschiedenis afgesloten kunnen zijn,ware het niet dat bij de souvereiniteitsoverdracht een uitzondering was gemaakt.

Om de overdracht van de kolonie aan Soekarno aanvaardbaar te maken voor het Nederlandse parlement was namelijk besloten on Nieuw-Guinea, het woeste eiland van de Papoea’s voorlopig vast te houden.

Afgesproken werd dat na een jaar over de toekomst van dit gebied opnieuw onderhandeld zou worden.

Die onderhandelingen kwamen er, maar ze liepen heel anders uit.

De verhoudingen tussen Nederland en Indonesie waren intusse dermate verkoeld ,dat de Nederlandse minister van buitenlandse zaken Joseph Luns, Nieuw-Guinea aan iedereen wilde afstaan,behalve aan Indonesie.

Het sleepte Nederland in 1962 nogmaals een koloniale oorlog in.

Weer werden aan Hollandse soldaten de beginselen van de Maleise taal bijgebracht,leerde zij omgaan met klamboes( muskietennetten) en wed hun verteld hoe ze de lintahs ( bloedzuigers) van hun voeten moesten branden.

Weer bevochten Hollanders en Indonesiers elkaar in het tropische oerwoud, en weer waren het tenslotte de Verenigde Staten die Nederland tot toegeven dwongen.

Op 1 oktober 1962 werd in Hollandia,de hoofdstad van Nieuw-Guinea,de Nederlandse vlag gestreken;de laatste die boven de kolonie had gewapperd.

 

Naar Top

Naar Top

 

 

 

Laatste wijziging op: 13-09-2009 15:49